Canto General

In Chili raakte eind jaren ‘40 van de vorige eeuw de communistisch georiënteerde dichter in conflict met zijn dictatoriale president. In de daarop volgende jaren van ballingschap werd Neruda zich bewust van zijn liefde voor Chili. Hij uitte deze in een reeks gedichten, die samen een “algemeen lied” vormden, waarin de morgenschemering van de leguaan, de wilde tabak, de gistende eilanden van Peru en de monnikachtige miereneter worden bezongen naast het onderdrukte, maar taaie volk van Latijns-Amerika. Samen zijn het de helden van het goede, van de schoonheid, van de vrije groei in de natuur die in de menselijke geschiedenis strijdt tegen de “onnatuurlijkheid” van onderdrukking en overheersing.
Begin jaren ’70 streefde in Chili de socialistische president Allende naar democratisering en nationale ontwikkeling. In deze sfeer van optimistische strijdvaardigheid componeerde Theodorakis muziek bij een aantal gedichten uit 'Canto General'. Theodorakis, die als ontheemde balling sinds de Griekse militaire junta van 1967 door de wereld reisde, beschouwde Chili als zijn tweede vaderland.
Toen Neruda in 1973 overleed - twaalf dagen na het gewelddadige einde aan het experiment van Allende - schreef Theodorakis een requiem bij de dood van zijn vriend.
'Canto General' is een zeer bijzonder muziekstuk voor koor, orkest en solozang.
Dirigent: Maud Meilof
Regisseur: Cilia Hogerzeil